Rportaj

 

Laatste nieuws

Een Turkse journalist wordt strafrechtelijk vervolgd vanwege zijn bewering ...

 

Biografieën

Hıkmet werd in 1902 geboren in Thessaloniki in Griekenland. Aan het einde ...

 

Over Röportaj

In Turkije is op het gebied van de media op het eerste gezicht letterlijk v...

De AKP, het leger en de media

Inhoudsopgave
De AKP, het leger en de media
Corruptie
De relatie met het leger
Alle pagina's
Net als haar seculiere voorgangers heeft de Turkse regering onder leiding van de Partij voor Gerechtigheid en Ontwikkeling (AKP) een moeizame relatie met de media. In 2008 leidde een corruptieschandaal in Duitsland rond de liefdadigheidsinstelling Deniz Feneri (Vuurtoren) tot een hevig conflict tussen premier Erdoğan en mediamagnaat Aydın Doğan. Doğan is eigenaar van de Doğan Groep, het grootste mediaconglomeraat van het land.

De affaire begon met een onderzoek van de Duitse justitie tegen de religieuze stichting. De rechtbank in Frankfurt veroordeelde 3 Turken voor het wegsluizen van ruim 18 miljoen euro naar Turkije. Daar is het geld deels gebruikt voor de aankoop van onroerend goed, terwijl het de bedoeling was dat het ten goede kwam aan arme moslims. De zaak zorgde voor grote ophef in Turkije en vooral kranten – zoals massakrant Hürriyet (Vrijheid) - en tv-stations van Doğan liepen hierbij voorop. Zij beweren dat het spoor naar het regeringsgezinde tv-station Kanal 7 loopt. Ook het hoofd van de Turkse mediawaakhond RTÜK (Radyo ve Televizyon Üst Kurulu), Zahit Akman – pikant genoeg ook chef van Kanal 7 – is genoemd in deze zaak. In november 2008 hebben de Duitse autoriteiten de licentie voor Kanal 7 Europa ingetrokken.


Corruptie

Hoewel de Duitse rechtbank niet bewezen achtte dat de AKP direct betrokken is bij Deniz Feneri, bleven de Doğan-media kritische vragen stellen over haar betrokkenheid bij mogelijke corruptie. Ook beweerden zij dat een naaste medewerker van Erdoğan – de invloedrijke parlementariër Saban Dişli - één miljoen dollar smeergeld had ontvangen bij een onroerendgoedtransactie. Dişli werd door zijn partijgenoten uiteindelijk gedwongen zijn bijzondere functies voor de AKP neer te leggen. Ook de tweede man van de AKP, M. Dengir Mir, moest zijn partij-politieke functies neerleggen. Beiden zijn nog wel parlementslid voor de AKP.

Op 6 september 2008 – de dag dat president Abdullah Gül een historisch bezoek bracht aan Armenië – sloeg Erdoğan terug. In het openbaar trok hij de integriteit van Aydın Doğan in twijfel. Deze zou de regering verwijten dat zij weigerde de Doğan Groep privileges te verlenen zoals in het verleden wel was gebeurd. Als voorbeeld noemde Erdoğan de wens van Doğan op het terrein van het Hilton Hotel in Istanbul (eigendom van Doğan) dure woningen te bouwen.

Als reactie liet Doğan zich op één van zijn tv-stations interviewen. Hij verklaarde dat Erdoğan hem te verstaan had gegeven dat hij geen kans maakte op de bouw van een raffinaderij bij de havenstad Ceyhan. Deze opdracht is inmiddels gegund aan Çalik Holding, waar de schoonzoon van Erdoğan, naast eigenaar Ahmet Çalik, een van de topmensen is. Çalik nam kort geleden het tweede mediaconcern in Turkije – Sabah ATV – voor een spotprijs over. Een staatsbank zou hem een lening tegen zeer gunstige voorwaarden hebben verstrekt. Erdoğan riep zelfs op tot een boycot van Doğan-media en beschuldigde verschillende kranten van het concern van vooroordelen. Regeringsgezinde kranten, zoals het islamitische dagblad Zaman (Tijd), besteden niet of nauwelijks aandacht aan de zaak.


De relatie met het leger

Ook komen de media in Turkije regelmatig in aanvaring met het Turkse leger, dat zichzelf beschouwt als hoeder van het erfgoed van Atatürk, stichter van de Republiek Turkije. De ‘ondeelbare integriteit van de Turkse natie’ is bijvoorbeeld een delicaat thema. Ook artikel 301 – dat belediging van de ‘Turkse natie/bevolking’ verbiedt – dient vaak als alibi voor tientallen rechtszaken tegen kritische journalisten. Zo staat het dagblad Taraf (Richting) sinds oktober 2008 onder sterke druk van de Turkse strijdkrachten. Zo heeft de krant geheime militaire documenten gepubliceerd over de veronderstelde nalatigheid van het leger om een aanval van de Koerdische afscheidingsbeweging PKK op een legerpost te voorkomen.

Geheime stukken

Ruim 300 PKK’ers voerden begin oktober een bloedige aanval uit op de bij de Iraakse grens gelegen legerpost Aktütün, in de oostelijke provincie Hakkari. Daarbij zijn 17 soldaten gedood. Taraf publiceerde militaire luchtfoto’s van PKK-strijders die zich opmaakten voor de aanval, waardoor de vraag zich opdrong waarom de legertop niets had gedaan om dit te voorkomen. De kritiek zwol aan toen bekend werd dat het leger zelfs had overwogen de buitenpost te verplaatsen, maar dit om financiële redenen niet had gedaan. Toen doken foto’s van generaal Aydoğan Babaoğlu op. Hierop was te zien dat hij ten tijde van de aanval en de daaropvolgende begrafenissen golf speelde in een luxe oord aan de Middellandse Zee. De Turkse opperbevelhebber Ilker Basbug hield een persconferentie waarbij hij de media ervan beschuldigde geheime stukken te hebben gepubliceerd en kondigde een onderzoek aan. Zelfs de staatsgezinde krant Hürriyet - bekend om haar goede verstandhouding met de militairen - nam het op voor de onafhankelijkheid van de media.

Bronnen:

‘Erdogan brandt vingers aan Turkse vuurtoren’, Eric Outshoorn, de Volkskrant, 2 oktober 2008
‘Turkse media onder vuur strijdkrachten’, Eric Outshoorn, de Volkskrant, 2 november 2008