Röportaj

 

Laatste nieuws

Een Turkse journalist wordt strafrechtelijk vervolgd vanwege zijn bewering ...

 

Biografieën

Hıkmet werd in 1902 geboren in Thessaloniki in Griekenland. Aan het einde ...

 

Over Röportaj

In Turkije is op het gebied van de media op het eerste gezicht letterlijk v...

Arbeidsomstandigheden journalisten in Turkije

Inhoudsopgave
Arbeidsomstandigheden journalisten in Turkije
De gele perskaart
Vakbonden
Alle pagina's
Als onderdeel van de toetredingsonderhandelingen met de Europese Unie heeft de Turkse regering in 2006 de Mediawet versoepeld. In artikel 3 van deze wet is de persvrijheid geregeld:

“De pers is vrij. Deze vrijheid omvat het recht op het verzamelen en verspreiden van informatie en deze informatie kritisch te analyseren en hierover te publiceren. Het uitoefenen van deze vrijheden kan – in overeenstemming met de grondbeginselen van een democratische samenleving – worden ingeperkt met als doel de reputatie en rechten van anderen, de volksgezondheid en publieke moraal, de nationale veiligheid en de rechtsorde te beschermen, de ondeelbare integriteit van het grondgebied te waarborgen, misdaden te voorkomen, erop toe te zien dat niet gebruikgemaakt wordt van bronnen die staatsgeheim zijn en de integriteit en het onafhankelijk functioneren van de rechtstaat te waarborgen.”

Samengevat komt het erop neer dat in Turkije in theorie weliswaar persvrijheid is, maar hieraan in de praktijk legio restricties zijn verbonden. Zeker als het gaat om de nationale veiligheid, de moeizame relatie tussen Staat en religie, de positie van minderheden en de bescherming van de ‘ondeelbare integriteit’ van het Turkse territorium. Naast de Perswet kent Turkije ook een Wet Openbaarheid van Bestuur. Hierin is geregeld dat burgers op bepaalde voorwaarden toegang kunnen krijgen tot overheidsinformatie. Hier staat de Wet Geheime Overheidsinformatie tegenover. De autoriteiten beroepen zich vaak op deze wet om vertrouwelijke of gevoelige informatie niet te hoeven vrijgeven.

Overheidscontrole

Premier Erdoğan: "Als je nieuws wilt maken, mag dat alleen binnen deze lijnen."

Veel journalisten worden gehinderd in hun verslaglegging over het leger, in het bijzonder over de militaire operaties van de Turkse strijdkrachten tegen PKK-bases in Noord-Irak. Het officiële argument luidt dat deze berichtgeving leidt tot het ‘demoraliseren van bevolking en leger’. De behoefte om de media aan banden te leggen, werd in 2007 pijnlijk duidelijk toen twee militaire rapporten uitlekten, waarin de media en uitgeverijen worden gekwalificeerd op basis van de vraag of zij de autoriteiten wel of niet gunstig gezind zijn. In september 2008 voegde de Chefstaf van het Turkse leger, Ilker Basbug, twee media – de islamitische krant Yeni Şafak en het commerciële tv-station Star – toe aan de lijst van media die worden toegelaten tot bijeenkomsten van de Turkse strijdkrachten.

Andere media die het leger niet welgezind zijn – zoals het islamitische dagblad Zaman, Vakit, het dagblad Taraf en tv-station STV – worden niet tot deze bijeenkomsten toegelaten. Ook de nieuwe tv-zender Hayat TV en Evrensel waren niet uitgenodigd. De generale staf voert dit restrictieve beleid sinds 1999. Na afloop van de bijeenkomst verklaarde hoofdredacteur Sedat Ergin van het dagblad Milliyet (Natie) dat hij om opheldering had gevraagd over de criteria die het leger hanteert bij de accreditatie van journalisten. “Basbug beweerde dat geen sprake is van zulke criteria en dat het leger zich slechts baseert op de journalistieke principes van de Vereniging van Journalisten en de Persraad.”

Bron: ‘Chief of Staff refuses accreditation for pro-left media’, Bianet, 10 september 2008; ‘Chief of Staff meets with newspapers of his Choice’, Bianet, 16 september 2008.